flyballFlyball is een snelle sport voor hond en baas.
Is uw hond absoluut balgek, heeft hij een goede conditie en vindt hij u het einde?
En houdt u van snelheid, precisie, maar ook vooral van plezier?

Dan is Flyball precies wat u zoekt!

Een flyball-team bestaat uit 6 honden, hun geleiders, een coach en een bal-lader. Op een wedstrijd verschijnen per race twee teams van vier honden aan de start. De hond sprint over 4 hindernissen naar de flyball-bak, slaat met zijn poot op een plank en lanceert zo de bal uit het flyball-apparaat. De bal dient vervolgens zo snel mogelijk door de hond te worden opgevangen. Met de bal in de bek springt de hond over de vier hindernissen weer terug. Zodra de eerste hond over de finishlijn is mag de volgende hond vertrekken.
Het team dat het eerste foutloos alle vier de honden over de finishlijn heeft is de winnaar.

Samenvatting van de Flyball reglementen voor FHN wedstrijden

Algemeen

  • Deelnemers dienen op de hoogte te zijn van de van toepassing zijnde reglementen
  • Het belang van de hond staat voorop
  • Deelnemers strijden sportief
  • Geblesseerde en/of oververmoeide honden worden door de scheidsrechter uit de wedstrijd genomen
  • Slipkettingen mogen tijdens een wedstrijd niet gedragen worden
  • Alle honden dienen aangelijnd te zijn, behalve als ze actief zijn tijdens een wedstrijd
  • Loopse teven mogen niet aanwezig zijn in de wedstrijdring of de directe omgeving daarvan
  • Het uiten van buitensporigheden door deelnemers naar hun honden, de scheidsrechter of anderen worden volgens wettelijke bepalingen afgehandeld en tevens gemeld aan het bestuur van de FHN en de instelling waarvan de betrokkene lid is zodat passende maatregelen genomen kunnen worden
  • Een hond die zich agressief gedraagt kan uit de wedstrijd worden genomen. De scheidsrechter zal met het bestuur van de FHN overleggen of de startlicentie van de betrokken hond ingetrokken moet worden.
  • Het is niet toegestaan in de wedstrijdring voer en/of speeltjes, ballen (anders dan wedstrijdballen) e.d. te gebruiken of te hebben. Overtreding leidt tot diskwalificatie.
  • Deelnemers en coaches mogen niet in discussie gaan met functionarissen. In geval van onduidelijkheid mag alleen de coach de scheidsrechter om opheldering vragen.

Overig

Juryleden geven met een omhoog gestoken vlag aan dat een hond, begeleider, coach of ballader een spelregel heeft overtreden. De hond die op dat moment in de race is moet achteraan sluiten en overracen. De scheidsrechter heeft het recht een team te diskwalificeren als hij van mening is dat het gedrag van een hond, geleider, coach of bal-lader het concurrerende team benadeeld. Als een hond tijdens de race de ring verlaat zal de scheidsrechter het team diskwalificeren. De scheidsrechter beslist en zijn beslissingen zijn niet voor discussie vatbaar.

Een hond zal worden afgevlagd als

  • De hond te vroeg start of zijn begeleider een startfout maakt
  • De hond niet alle 4 de hindernissen heen en terug neemt
  • De begeleider over de startlijn komt anders dan om een verloren bal te pakken of een hindernis recht te zetten
  • De hond zonder bal de finishlijn passeert
  • De hond de bal uit de cup van het apparaat haalt
  • De bal door toedoen van de hond achter de scheidingswand terecht komt
  • De bal-lader het apparaat op het verkeerde moment of onjuiste wijze laadt
  • De bal-lader andere fouten maak
  • De coach fouten maakt

Verloop van een toernooi

Alvorens de wedstrijden beginnen krijgen alle teams 5 minuten de tijd om in te rennen. Hiervoor is een schema. Tijdens een wedstrijd mag er niet ingerent worden op eventuele lege banen. Dit geeft diskwalificatie. Aan het begin van iedere wedstrijd krijgen teams desgewenst maximaal 60 seconden om in te rennen op de baan waarop ze moeten gaan racen.

De wedstrijd

Er zijn twee soorten wedstrijden: wedstrijden met tijdwaarneming (tijdrace) en wedstrijden volgens het afvalsysteem (afvalrace). Bij tijdraces wordt van beide teams de gelopen tijd genoteerd. Per wedstrijd worden twee races gelopen.
Bij afvalraces is het team dat als eerste alle 4 honden reglementair over de finish heeft winnaar van de race. Per wedstrijd worden twee of drie races gelopen, het team dat als eerste, 2 races wint is winnaar van de wedstrijd (‘best-of-three’). Indien elektronische tijdwaarneming beschikbaar is, dan kan deze bij afvalraces worden gebruikt om te bepalen welk team een race heeft gewonnen. (‘foto-finish’).

Aan elke race doen 4 honden van het team mee. De begeleiders van de overige honden van het team bevinden zich met hun aangelijnde hond in de wachtruimte. Bij de aanvang van iedere race mogen honden in het team gewisseld worden, zodanig dat het aantal aan de race deelnemende honden vier blijft. Tijdens een race mogen geen honden gewisseld worden.

De 4 honden van het team moeten achtereenvolgens vanaf de start/finishlijn over de 4 hindernissen springen, het apparaat in werking stellen, de gelanceerde bal vangen of oppakken en met de bal in de bek weer terug over de 4 hindernissen naar de start/finishlijn. Een team heeft de race volbracht wanneer alle 4 honden reglementair over de finish zijn gegaan.

Een hond die wordt afgevlagd wegens een overtreding van de spelregels (door de hond, één van de begeleiders, de coach of de bal-lader) moet achteraan aansluiten in zijn team en opnieuw racen.

Wanneer een team door de scheidsrechter wordt gediskwalificeerd, dan wordt bij een afvalrace dat team als verliezer van de race aangemerkt. Bij tijdraces wordt voor dat team een tijd van 60 seconden genoteerd.

Een hond die een hindernis omver gooit behoeft niet over te rennen, mits de hond de hindernis neemt alsof deze nog rechtop staat. Dit geldt ook voor de eventuele honden die daarna in dezelfde race rennen. Wanneer een hindernis zodanig (scheef) valt dat dit gevaar oplevert voor de houden, fluit de scheidsrechter de race af en laat deze opnieuw starten.

Wanneer een hond in de ring zijn behoefte doet wordt het betreffende team voor alle races van die wedstrijd gediskwalificeerd, ongeacht of de wedstrijd al begonnen of geëindigd is.

Nummerborden

Bij iedere start/finishlijn staat een paneel met zes borden met daarop duidelijk leesbaar de cijfers 1 tot en met 6. Aan het begin van iedere race worden de borden met de nummers van de begeleiders van de honden die de race zullen lopen overeind gezet. Zodra een hond de race reglementair heeft afgelegd wordt het bord met het nummer van die hond omgeklapt. Zo vervolgens voor alle nummers, totdat het volledige team de race reglementair heeft afgelegd.

leder team-lid is zelf verantwoordelijk voor het al dan niet opmerken van het omklappen van zijn/haar nummerbord, ook als de scheidsrechter het omklappen van een nummerbord corrigeert.

De Start

De scheidsrechter start een race met een kort fluitsignaal, waarna de eerste hond mag starten. Bij elektronische tijdwaameming kan de scheidsrechter door het indrukken van een gecombineerde knop tevens beide klokken starten.

Elke volgende hond mag starten zodra de voorgaande hond (al dan niet afgevlagd), met welk deel van zijn lichaam dan ook, de start/finishlijn passeert (op de grond of in de lucht). Het starten mag vanuit staande of rennende positie (‘vliegende’ start). Het is toegestaan om ten behoeve van een vliegende start een markering aan te brengen in de uitloopruimte, mits deze geen gevaar voor de honden oplevert.

Als de poot van een hond of de voet van een begeleider of coach op of over de start/finishlijn is voordat het fluitsignaal heeft geklonken, dan wordt opnieuw gestart (‘valse start’). Als hetzelfde team dan weer een valse start veroorzaakt is de race begonnen maar de betreffende hond wordt afgevlagd.